Search This Blog

Translate

Pagina's

donderdag 18 augustus 2011

Nu komt het erop aan!


Schokkende gebeurtenissen volgen elkaar momenteel in een hoog tempo op. Bij velen roept dit angst en verwarring  op. De informatie die de media geven is per dag totaal anders van karakter. Op het ene moment is het geruststellend, op het volgende is er ronduit sprake van paniek en wordt de vrees aangewakkerd dat we voor een algehele ineenstorting van onze samenleving staan. Het komt er nu op aan of wij in staat zijn om te kiezen voor een bewustwordingsproces, dat ons zal leiden tot vrijheid en een samenleving in de werkelijke zin van het woord. Daarvoor is het nodig dat we onze eigen verantwoordelijkheid gaan nemen en gaan doen wat binnen ons vermogen ligt om hieraan een bijdrage te leveren. Niet langer kunnen we vertrouwen op banken, pensioenverzekeraars en de overheid.
Het is de hoogste tijd om nu zelf met initiatieven te komen, in het besef dat we met zijn allen hebben bijgedragen aan de maatschappij zoals deze er nu uit ziet en het volstrekt zinloos is om ons in boosheid uit te leven op de veronderstelde verantwoordelijken voor de steeds groter wordende problemen. Nú hebben wij de kans om met elkaar een samenleving op te bouwen waarin plaats is voor medemenselijkheid. Laten we deze kans grijpen en ons niet opnieuw overgeven aan de afhankelijkheid van leiders. Waarom dit zo essentieel belangrijk is wil ik u in het navolgende artikel duidelijk maken.

Het huidige financiële stelsel heeft zijn wortels in het feodale tijdperk, waarin de adel en geestelijkheid grote sommen geld nodig had voor het voeren van oorlogen, beslechten van conflicten en hun vermogensverslindende levensstijl. Vanaf de oudheid waren het de burgers en boeren, die adel en geestelijkheid moesten voorzien van de benodigde middelen. Vanaf de 17e eeuw begon het ‘moderne’ bankwezen zich te ontwikkelen als instrument om direct geld tot de beschikking te hebben zonder eerst belasting te hoeven innen. Het systeem was en is in feite eenvoudig van opzet. Het begint met de oprichting van een centrale bank, die het alleenrecht krijgt om geld in circulatie te mogen brengen.  Koning-stadhouder Willem III van Oranje gaf bijvoorbeeld in 1694 toestemming om de Bank of England op te richten. Deze bank kreeg met uitsluiting van de concurrentie het recht om geld te scheppen. Dit geld werd uit het niets gecreëerd, omdat er tegenover iedere pond, die in omloop werd gebracht slechts een fractie aan goud stond. Vanaf het begin was de Bank of England een private onderneming met als aandeelhouders de ‘nobility’ van die dagen. Her Majesty’s  Treasury leende direct na de oprichting in 1694 van de Bank of England het voor die tijd kolossale bedrag van 1,25 miljoen Britse ponden. Zo ontstond de schuldverhouding tussen staat en bank.  Langzaam maar zeker groeide de wurggreep van de Bank of England op de Britse staat. In 1815, aan het einde van de geldverslindende oorlog met Frankrijk was de schuld gegroeid tot 885 miljoen Britse ponden. De schuld die de staat aan de Bank of England had werd niet terugbetaald en groeide slechts naar steeds grotere hoogte. Dit kwam mede omdat de belastingen, die bij burgers en boeren werden geïnd voor alles behalve het aflossen van de schuld van de staat aan de bank werden aangewend. Bovendien werd de rente die de Bank of England inde over de schuld steeds omvangrijker en vormde daardoor weer een aantrekkelijke bron van inkomen voor de aandeelhouders… De adel (en de geestelijkheid) had daarom weinig belang bij het aflossen van de schuld.

  

Vreedzaam protest in Engeland tegen de overheidsbezuinigingen
In andere grote Europese steden vonden vergelijkbare ontwikkelingen plaats. De banken van Hamburg, Frankfurt, Stockholm, Amsterdam, Parijs, Madrid, Milaan, en Napels werden op dezelfde leest als die van de Bank of England geschoeid. Steeds waren het koningen, keurvorsten, kardinalen en keizers, die hun voortdurende honger naar geld bevredigden via de banken. Met als onderpand hun burgers en boeren, die als ‘belastingkoeien’ werden gemolken, leenden adel en geestelijkheid het geld dat hen moest leiden naar een grotere machtspositie en hogere welstand.

Het systeem zou echter al lang geleden door hebzucht en onkunde  ten onder zijn gegaan, als er niet een generatie van gewiekste bankiers zou zijn opgekomen in de 18e eeuw, onder aanvoering van de Rothschild familie.  Deze nieuwe elite kreeg in relatief korte tijd het Europese centrale bankensysteem stevig in de greep. ‘Geef mij het recht om geld te scheppen en het maakt mij niet uit wie de wetten van een land maakt’ , ‘Geef mij het recht om geld te scheppen en het maakt mij niet uit welke marionet op de troon van het land zit’, zijn gevleugelde uitspraken van de Rothschild ‘pater familias’Mayer Anschelm.  Gedreven door een enorme ambitie trokken vader Mayer Anschelm en zijn vijf zonen op een nietsontziende wijze de financiële macht naar zich toe in de belangrijkste financiële centra van de 18e en 19e eeuwse wereld.  Oorlogvoerende naties werden van beide zijden gefinancierd door de Rothschilds. De schulden van de Europese vorstenhuizen aan de bankiers namen sterk toe. Daardoor verkreeg men een steeds nadrukkelijker controle over de belangrijkste Europese centrale banken en als gevolg daarvan greep op het geldscheppingsproces van de betreffende landen.  Het kostte echter meer moeite om de Verenigde Staten ‘er onder’ te krijgen. De gehele 19e eeuw kenmerkte zich door een verbeten strijd tussen de financiële elite en presidenten zoals Jefferson, Jackson en Lincoln.  Jefferson en Jackson waarschuwden in niet mis te verstane bewoordingen tegen de macht van de financiële elite.

‘You are a den of vipers and thieves. I have determined to rout you out and, by the Eternal, I will rout you out’, sprak Jackson met luide stem in een bijeenkomst met vertegenwoordigers van de financiele elite.  Zelf ontkwam hij ternauwernood aan een moordaanslag op zijn leven, georkestreerd  door de bankiers.

‘I believe that banking institutions are more dangerous to our liberties than standing armies’, sprak Jefferson.



  Griffin's boek over de Federal Reserve

Lincoln, die de zogeheten greenbacks in circulatie bracht, niet via banken maar door de overheid zelf, werd vermoord. Zijn moordenaar had bewezen connecties met de financiële elite. De strijd tussen de Amerikaanse overheid en de bankiers werd uiteindelijk beslecht in 1913, toen door een coupe van de financiële elite, gesmeed op Jekyll Island, het stelsel van de Federal Reserve Banken werd opgericht. De FED verkreeg het recht om dollars te scheppen en is vanaf het begin in private (niet overheid) handen geweest.

De Rothschilds werden in de 19e eeuw dermate gevreesd en gehaat, dat zij op de achtergrond verdwenen en mensen zoals Peabody, Brown en Morgan naar voren schoven om hun belangen te behartigen. J.P. Morgan bijvoorbeeld, werd tijdens zijn leven beschouwd als een van de rijkste mensen ter wereld. Het grootste deel van zijn vermogen bleek echter bij zijn dood in handen te zijn van de Rothschilds. Toch had deze dynastie nooit zo’n fabelachtig vermogen opgebouwd –in de 19e eeuw geschat op 40% van de som van alle bezittingen- en een enorme machtspositie verworven als er niet de hebzucht en het machtsstreven was geweest van de adel. Er is absoluut steeds sprake geweest van een innige symbiose tussen de bankiers en de hoogste klasse. De bankierselite voorzag in de voortdurende behoefte aan geld bij de adel. De medaille heeft dus zoals altijd een keerzijde. Het is daarom onjuist om de bankiers onder aanvoering van de Rothschilds als de wortel van het kwaad te zien. Wat wel mag worden gesteld is, dat het uitstekende psychologen waren, die precies wisten hoe men de menselijke zwakheden te eigen bate kon bespelen.  Hoewel de financiële elite zich heeft gevormd rond het Huis Rothschild, kan niet worden gezegd dat men verbonden was aan een bepaald geloof, ras, groep of nationaliteit. Dus ook niet aan het Joodse. De elite bestond en bestaat vandaag de dag nog uit individuen van verschillende komaf. Napoleon Bonaparte heeft over hen gezegd: ‘Geld heeft geen nationaliteit. De bankierselite kent geen patriottisme en is zonder moraliteit. Hun enige doel is het maken van winst (en het  verkrijgen van macht).’

De nieuwe financiële elite  verwierf dus gaandeweg een controlerende positie op het geldscheppingsproces.  Het creëren van geld en in omloop brengen ervan was dus vanaf het begin van het moderne bankwezen geen zaak van de overheden, maar van particulieren die het proces via hun banken controleerden. Toen ook de strijd om de hegemonie in de V.S. was beslecht in het voordeel van de bankiers had men vrij spel in het controleren van de financiële markten en werd de waarschuwing van Thomas Jefferson werkelijkheid: ‘If the American people ever allow private banks to control the issue of their currency, first by inflation, then by deflation, the banks and corporations that will grow up around [the banks] will deprive the people of all property until their children wake-up homeless on the continent their fathers conquered. The issuing power should be taken from the banks and restored to the people, to whom it properly belongs.’
Eustace Mullins toont in The Secrets of the Federal Reserve aan, dat de Grote Depressie die vanaf 1929 tot de uitbraak van de tweede wereldoorlog duurde het gevolg is geweest van massale internationale goudtransacties en rentemanipulaties. In de House Stabilization Hearings van 1928 is overtuigend aangetoond dat de Federal Reserve Bank directie diverse geheime vergaderingen had gehouden met de hoofden van de belangrijkste Europese centrale banken. Zelfs als men op de hoogte was geweest van alle details, dan waren de Amerikaanse politici nog niet in staat geweest om de geplande gang van zaken te keren. Hieruit is eens te meer de macht van de bankiers gebleken.

Afgevaardigde Mr. Beedy sprak in de House Hearings van 1928 de volgende woorden: ‘Mr.Ebersole van het ministerie van financiën verklaarde dat de Federal Reserve geen stabilisatie van de aandelenmarkt nastreeft en dat de Amerikaanse grootinvesteerders dit evenmin willen. De schommeling van de prijzen van aandelen en grondstoffen kwam hen uitstekend uit, omdat degenen die de markten controleren hun winsten maken door deze instabiliteit. Als deze lieden de controle (handhaving van de instabiliteit) niet op een directe manier kunnen bewerkstelligen, dan wordt dit gedaan doormiddel van onrust en rellen zoals we die recent hebben meegemaakt. Revoltes worden geprovoceerd door onvrede met de huidige omstandigheden aan te jagen. Daardoor komt de controle in handen van enkelen ten koste van de velen die de rekening betalen.' (door verlies op hun investeringen).



De waardedaling van de dollar na de oprichting van de Federal Reserve

Het is schokkend, dat de gebeurtenissen in dit tijdsbestek exact hetzelfde patroon volgen dan die voorafgaand aan de Grote Depressie. En het bevestigt dat crisis, gevolgd door economische neergang geen natuurlijk gegeven is zoals men ons steeds heeft willen doen geloven, maar in het verleden geregisseerd werd en in het heden nog steeds wordt door de  financiële elite. Mullins schrijft in The Secrets of The Federal Reserve letterlijk dat de bankiers de Grote Depressie hebben gewild omdat het hen de controle in handen gaf van zowel de financiën als de economie van de V.S..

Duitsland kreeg als de verliezende partij na de eerste wereldoorlog zware herstelbetalingsverplichtingen opgelegd door de overwinnaars Frankrijk, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. Deze zware last veroorzaakte veel ellende in Duitsland in de twintiger jaren van de vorige eeuw. In 1930 werd in Den Haag door Duitse, Engelse, Franse, Italiaanse en Amerikaanse diplomaten en bankiers de Bank for International Setttlements (BIS Bank) opgericht. Via de BIS Bank zouden de Duitse herstelbetalingen worden gecoördineerd, met als doel om de Duitse economie niet verder te destabiliseren. De BIS Bank was vanaf de oprichting een private onderneming (niet in overheidshanden).  De bank werd gevestigd in Basel, Zwitserland en groeide al spoedig uit tot een ontmoetingspunt van internationale bankiers en grote ondernemers. Nadat in 1933 Hitler aan de macht kwam stopten de herstelbetalingen en kwam er een omgekeerde geldstroom op gang, die de nazi’s voorzag van de middelen om hun oorlogsmachine op te bouwen.  De Britse schrijver Anthony Sutton toont dit in zijn boek Wall Street and the Rise of Hitler (gratis te downloaden op internet) overtuigend aan.

Sutton werd heftig bekritiseerd in de Amerikaanse mainstream media, maar nooit officieel aangeklaagd.  De Belgische auteur Jacques R. Pauwels schreef Big Business met Nazi Duitsland (2009).  In beide boeken wordt op een schokkende wijze uit de doeken gedaan hoe weinig het grote bedrijfsleven met de medemens en menselijkheid op heeft. Pauwels noemt Ford, General Motors, ITT, IBM, Texaco en Standard Oil als voorbeelden van bedrijven die via hun filialen in Duitsland hebben meegewerkt aan het mogelijk maken van de Blitzkrieg waardoor de Duitsers aanvankelijk zeer succesvol waren (Jacques Pauwels, Big Business met Nazi Duitsland, hoofdstuk 5, Blitzkrieg ‘made in USA’. ).

Ook tijdens de tweede wereldoorlog bleven de zakelijke contacten op hoog niveau uitstekend: ‘Voor alle financiële transacties met nazi-Duitsland kon men zich eveneens wenden tot de Bank for International Settlements in Bazel. Aan de nauwe Amerikaans-Duitse samenwerking binnen de BIS kwam ook na Pearl Harbor geen einde. … De BIS was het centrum van een spinnenweb van geallieerde bankiers, bedrijven en advocaten en van hun Duitse tegenhangers. Tot die laatste behoorden hooggeplaatste nazi’s , inclusief kopstukken van de SS. …terwijl de soldaten van hun respectievelijke landen elkaar op alle fronten genadeloos aan het afslachten waren, konden bankiers, industriëlen en politici het opperbest en in alle rust met elkaar vinden in het neutrale en geëvacueerde Bazel (Zwitserland). (Jacques Pauwels, Big Business met nazi-Duitsland, hoofdstuk 9).

De rol van de BIS bank voor en tijdens de tweede wereldoorlog is dermate bedenkelijk geweest, dat er tegen het einde van de tweede wereldoorlog stemmen opgingen om deze instelling op te heffen. Op de Bretton Woods conferentie in 1944, waarin de toekomst van het financiële stelsel van na de oorlog werd bepaald, haalde een voorstel van de Tsjechen om de BIS Bank op te heffen het niet. Het verzet van de bankiers was te groot. De BIS Bank had zich al te krachtig in het internationale financiële stelsel gepositioneerd. Bovendien had de bank een status van diplomatieke immuniteit, vrijheid van rechtsvervolging en vrijheid van vergadering, vergelijkbaar met de positie van Vaticaanstad. Nee, de bankiers lieten zich hun controle instrument niet ontnemen.



De rol van het IMF en de Wereldbank worden vaak heftig bekritiseerd
Na de tweede wereldoorlog werden het Internationale Monetaire Fonds (IMF) en de Wereldbank opgericht om de internationale financiering en investeringen te coördineren. De BIS Bank verdween achter de coulissen. Hetgeen niet betekent dat de rol van deze instelling was uitgespeeld. Integendeel, want de invloed die de BIS Bank uitoefent op het wereldwijde monetaire reilen en zeilen is steeds groter geworden. Hoewel de media als het gaat om grote internationale gebeurtenissen de BIS Bank niet noemen en wel het IMF, is het voor degene die zich hierin verdiept duidelijk dat de BIS Bank het IMF stuurt.  In de BIS nemen de centrale banken van 55 landen deel, waaronder ook de opkomende mogendheden China en India. Alle 55 centrale banken zijn aandeelhouder in de BIS. Zij bezitten samen 86% van alle aandelen. Dus grofweg minder dan 2% gemiddeld per land. De overige 14% van de aandelen zijn in handen vanparticulieren, dezelfde die er al waren voordat de 55 centrale banken toetraden tot de club.  Er is weinig fantasie voor nodig om te bedenken wie de eigenaren zijn van de 14% aandelen in de BIS. Ten opzichte van de individuele aangesloten centrale banken hebben zij een groter belang en dus meer zeggenschap. Bovendien beschikken de 14% aandeelhouders over een fabelachtig vermogen. En in deze wereld betekent het grootste bezit de grootste macht.

De leden van de BIS komen regelmatig in vergadering samen. Van deze bijeenkomsten worden geen notulen gemaakt en wordt ook geen verslag gedaan in de media.

In Der Spiegel (2009) werd over de BIS het volgende geschreven:

De indrukwekkendste ruimte is het auditorium met  moderne witleren clubfauteuils, duizenden kleine LED lampjes, de afgeschermde ruimtes achter in de ruimte waarin de tolk-vertalers zitten achter gespiegeld glas en het grote paneel waaromheen de financiële meesters van de wereld hun werk doen. De ruimte doet sterk denken aan Star Trek . Vanzelfsprekend is het hele gebouw volkomen geïsoleerd voor afluisterpraktijken en hackers. Niets van wat daarbinnen gebeurt mag naar buiten weglekken. Niet geautoriseerde personen krijgen geen toegang tot het gebouw. Er worden geen openbare verslagen gemaakt van de vergaderingen. Alles wat binnen besproken wordt is strikt vertrouwelijk. Transparantie komt niet in het BIS woordenboek voor, niets wordt verwerpelijker geacht dan een indiscrete bankier. De BIS kan worden beschouwd als de meest exclusieve en invloedrijke financiële organisatie ter wereld, het Vaticaan van de financiële wereld.

De BIS is niet onderhevig aan welke jurisdictie of internationaal recht dan ook, betaalt geen belasting en de medewerkers genieten een buitengewone mate van immuniteit. Er is geen organisatie die de handel en wandel kan controleren. Ook de financiële positie van de BIS is sterk. De BIS beschikt bijvoorbeeld over vier keer zo veel goud als de Federal Reserve, maakte in het crisisjaar 2009 een belastingvrije winst van 2 miljard Euro en heeft een eigen vermogen van 17,3 miljard euro.

‘Onze kracht is dat we geen (wetgevende) macht hebben’, verklaarde BIS secretaris-generaal Peter Dittus.‘Onze bijeenkomsten zijn in het algemeen niet gericht op besluitvorming. Het gaat primair om het uitwisselen van visies. Deze opinies vinden hun weg op een subtielere manier, door een proces dat zou kunnen worden vergeleken met osmose”
Ik kom terug op de eerder genoemde uitspraak van Mayer Anschelm Rothschild: ‘Geef mij het recht om geld te scheppen en het maakt mij niet uit wie de wetten van een land maakt’. In alles wat er over de BIS bekend is, vindt men deze signatuur terug. De BIS maakt geen wetten. Dat is ook niet nodig want de BIS schept geld en beschikt over reserves, die waarschijnlijk dat wat op de balans staat ver ter boven gaan. Omdat de 14% aandeelhouders over fabelachtige vermogens beschikken. Daarom, als het huidige financiële stelsel zijn laatste adem heeft uitgeblazen, dan heeft de BIS de macht en de steun van 55 centrale banken om het nieuwe spel op de wagen te zetten. Onlangs eiste China in duidelijke bewoording de vervanging van de dollar als wereldreservemunt door een nieuwe. Het ligt geheel in de lijn van de verwachting dat de BIS Bank deze nieuwe munt gaat uitgeven. Het maakt daarbij niet uit of deze munt de Bancor of de SDR (Special Drawing Rights), of Dagobert Duck gaat heten. Dat is slechts een kwestie van smaak. De positie van de BIS als de nieuwe wereld centrale bank zal ongetwijfeld gepaard gaan met een wereldwijde hervorming van het financiële stelsel. Hierin kunnen zelfs elementen zitten die de critici van het huidige systeem als muziek in de oren zullen klinken. Zoals het verbod op speculatieve financiële praktijken. Er is echter een gezegde dat luidt: ‘Men kan geen nieuwe wijn in oude leren zakken gieten’.
Die oude leren zakken is het op het feodale systeem gebaseerde financiële stelsel en de financiële elite, die dit in de afgelopen eeuwen op een nietsontziende wijze en ten eigen bate heeft geëxploiteerd. Het valt niet te verwachten dat de wolf in een lam verandert. Als het nieuwe systeem vanuit de BIS over de wereld wordt uitgerold dan zullen velen na de eerste roes van hoop op verbetering gaan merken, dat in wezen alles bij het oude is gebleven. Of misschien wel erger dan daarvoor, omdat de individuele vrijheid van de mens wordt aangetast. Over dit onderwerp is al door diverse auteurs, waaronder Marcel Messing inWorden Wij Wakker? indringend geschreven.

Deze tijd is cruciaal voor ons allen. Laten we ons opnieuw als vee in gevangenschap voeren of kiezen we voor bewustwording?  Als we voor het laatste kiezen, dan is er geen sprake meer van vrijblijvendheid.  Iedereen die kiest voor bewustwording neemt zijn eigen verantwoordelijkheid en legt dat niet meer buiten zichzelf neer bij de mensen die tot dusver de rol van autoriteit  hebben gespeeld. Dan staan wij open voor het onderzoek in onszelf naar onze conditioneringen. Binnen dit onderwerp betekent dat een grondige herziening van onze visie op geld en economie. Geld is dan geen voorwaarde meer om iets te kunnen bezitten, maar hoogstens een middel om de overdracht van goederen en diensten soepel te kunnen laten verlopen. En economisch handelen is niet langer het uitleven van onze hebzucht om zoveel mogelijk materie naar ons toe te trekken, desnoods ten koste van onze medemens. Daarvoor is nodig dat we initiatieven gaan nemen, zoals er nu al mensen overal op de wereld zijn die dat doen.  Crowdfunding, kredietunies, bartering, complementair geld, rentevrij bankieren, democratisering van organisaties, afschaffen van aandelenbezit door enkelen. Het zijn voorbeelden van de hoop die wij mogen koesteren op een toekomst waarin medemenselijkheid centraal zal staan.

© Ad Broere, 10 augustus 2011
www.adbroere.nl

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen